woensdag 10 september 2014

Nummer 2

Foto: Irma Hermelink

En nu hebben we er dus twee. Een inschattingsfoutje. Ik had mijn wederhelft beloofd maar één zwerfschepsel in huis te halen. Meer zou resulteren in de eenzijdige opzegging van onze 24 jarige relatie. Maar ja, wat moet je, als je een nestje weesjes ziet dat door alle opvangcentra wordt geweigerd omdat die overvol zitten.

Een tijdelijk onderkomen voor het kleinste en zwakste mormeltje was de afspraak. De 30 kilo zwaardere soortgenoot adopteerde haar zonder problemen. Als honden het begrip spijt kennen dan heeft Dutch dat nu. Hij wordt uit het niets in zijn staart of de nog aanwezige edele delen gegrepen en moet toezien dat de door hem opgevolgde commando's volledig genegeerd worden door de kleine nieuwe etter.

En ik? Ik ben definitief verwijderd geraakt van alle rationeel denkende mensen en hoor in de buitencategorie van kattenvrouwtjes, reptielenknuffelaars en hondenfluisteraars. De eerste weken stond ik in het holst van de nacht op om het beestje naar buiten te laten. Daarna wilde mevrouw natuurlijk niet meer slapen en krijste ze het hele huis bij elkaar. De rest van de huisgenoten vond mij dan slapend op de bank met in mijn armen een klein ondervoed schepseltje van nauwelijks een kilo. Inmiddels gaat het beter, maar uitslapen is er voorlopig niet meer bij. Een godsvermogen hebben we uitgegeven aan wormen- en parasietenkuren, vaccinaties, speeltjes en speciaal dieetvoer.

Wekenlang heb ik geprobeerd het beestje te slijten maar zo vlak voor de vakantie was niemand geïnteresseerd. En ondanks het feit dat ik haar geen naam durfde te geven ging ik me toch hechten aan zo'n klein ding. Dus ging mevrouw mee naar Nederland in de hoop op een nieuw thuis daar. Een Roma familie had het niet beter kunnen doen; een oude afgetrapte bus met drie kinderen, twee honden en een hele hoop zooi. Rond 3 uur s'nachts ergens in Hongarije toen de kinder- en hondenschare sliep, heb ik mijn wederhelft lief aangekeken.

Ze heet Coco.


maandag 25 augustus 2014

Adelaar


Voor me zit een meneer met een adelaar op zijn schouder. Hij is zeker twintig centimeter hoog en even breed omdat de vleugels zijn opengeslagen. De kop is een beetje onnatuurlijk naar de zijkant gedraaid waardoor je hem 'en profil' ziet. Het is geen broddelwerkje, minutieus zijn de veertjes aangebracht en de blik van het beest is trefzeker. Op de linkervleugel staat in sierlijke letters 'forgive' op de rechter 'forget'.

Twintig centimeter boven de vogel loopt een horizontaal litteken. Het begint bij het linkeroor van de eigenaar en maakt de halve cirkel tot aan zijn rechteroor bijna af. In eerste instantie zag ik het niet want het valt gedeeltelijk weg in de huidplooi tussen nek en hoofd. Die plooi kan ik goed zien want zijn hoofd is glimmend kaal geschoren. Hij draagt een blauwe zwembroek met witte en rode accenten. Zijn leeftijd zal tussen de veertig en de vijftig jaar zijn. Als accessoire heeft hij een jongere dame bij zich. Niet veel jonger overigens, hij houdt het netjes. Zij heeft lang geblondeerd haar, is net als hij gebruind en ze draagt een groenige metallic bikini met bijpassende metallic kunstnagels. 

Haar vind ik niet zo interessant, hij is het die me intrigeert. Waarom zet je in een tatoeage het woord 'forget'? Dat is wel de beste garantie om het niet te vergeten lijkt me. En wie moet wat vergeven? Moet hij vergeven voor iets wat hem is aangedaan of vraagt hij vergiffenis? Als het verwijst naar een specifieke gebeurtenis dan is het ongetwijfeld ingrijpend geweest, anders wijd je er geen tatoeage aan. En waarom staat het in de vleugels van een vogel die symbool staat voor mannelijkheid, virilliteit en dominantie? Het komt toch anders over als het in de pootjes van een koalabeertje is getatoeëerd. 

Bij nader inzien lijkt de tatoeage ook sprekend op de Servische adelaar. Hij wijkt op twee punten af. Het Servische nationale symbool heeft twee koppen en deze maar één. Daarnaast ontbreken de vier Cyrillische C's (S in het Latijnse alfabet) die staan voor 'Samo Sloga Srbina Spasava' oftewel 'Alleen eenheid redt de Serviërs'. Een meer politiek correcte versie is overigens 'Sveti Sava - Srpska Slava' (Sint Sava - Servische Beschermheer) 

De combinatie met het litteken roept nog veel meer vragen op. Het kan gemaakt zijn door een chirurg met een slok teveel op maar het lijkt me eerder het resultaat van een verwonding. En de zwembroek, is het toeval dat die de kleuren van de Servische vlag heeft?

Ik krijg de vragen niet uit mijn hoofd: Heeft hij gevochten in de Balkanoorlog? Is dit misschien één van Mladic' mannen? In een cafe een paar honderd meter verderop staat een groot portret van meneer de Jong zoals wij hem thuis noemen (Mladi = jong, klinkt een stuk onschuldiger als je wordt afgeluisterd). Waarom is hij daar niet gaan zitten? Misschien is hij wel hartstikke onschuldig en vergeeft hij de persoon die hem het litteken heeft toegebracht. Misschien hebben litteken en tatoeage wel niets met elkaar te maken en maak ik het veel te spannend. Maar waarom dan die adelaar? Dat moet op z'n minst verwijzen naar wat nationalistische trekjes. Het laat me niet los, hier moet een verhaal achter zitten. Een gewelddadige sage van onverschrokken mannen, strijd, moord en doodslag en vreselijke ontberingen.

De man neemt nog een slok van zijn koffie, aait de metallic dame over haar rug en gaat verder met een Sudokootje.



maandag 21 juli 2014

Bloemenzee


21 juli 08.30 Vertrekhal 1 Schiphol. Nog een uur maar ik wil persé op tijd zijn. Zoonlief, net 13 jaar, vliegt voor de eerste keer alleen, helemaal alleen. Podgorica-Amsterdam. Geen papa, mama of stewardess aan zijn zijde.

Hij is gezegend met een grenzeloze naïviteit, zijn moeder met een bijna-zenuwinzinking. Ik kijk om de vijf minuten op mijn telefoon hoe laat het is. Toen ik zo oud was als hij ging ik met mijn ouders naar een boerderij tegen de toenmalige Oostduitse grens en hij reist zelfstandig van de Balkan naar Nederland. Loslaten is moeilijk.

08.40 Vertrekhal 3 Schiphol. Ik ken er geen één, maar toch prikken de tranen als ik de bloemenzee, foto's, ballonnen en kaarsjes zie. Bijna 300 mensen die niet meer thuiskomen. Een afschuwelijke wake-up-call heeft de oorlog uit Verweggistan hier gebracht. Door een stel godvergeten 'low life creatures' uit de lucht geschoten. Ik weet wel dat er altijd overal ter wereld mensen doodgaan door geweld maar de herkenbaarheid van de slachtoffers raakt me. Er staat een rij voor de twee condoleanceregisters en ondanks de alom aanwezige pers en de vele beveiligers is de sfeer stil en ingetogen.

45 minuten later sluit ik mijn tegenstribbelende zoon in de armen (niets ergers dan een knuffelende moeder). Veilig weg van het wereldnieuws heeft hij vrijwel niets meegekregen van de ramp. "We gaan nog even een bloemetje kopen" zeg ik. "Ik wil je wat laten zien". 

vrijdag 18 juli 2014

Ziggo


Als je maar 6-8 weken per jaar 'thuis' bent dan is een kabelabonnement à 45,- euro per maand toch wat overdreven. Een mailtje dus naar Ziggo om de boel op te zeggen, vijf minuutjes dacht ik nog naief.

Een half uur later heb ik alle krochten van de website van Ziggo gezien. Ik weet welke fantàààstische produkten ze aanbieden en welke ongelóóflijke kortingen ze daarbij geven. Een formulier, telefoonnummer, mailadres of andere tamtam om mijn abonnement op te zeggen kan ik niet vinden. In plaats daarvan beland ik steeds weer op dezelfde pagina die mij uitlegt dat ik weliswaar kan verhuizen maar meteen mijn nieuwe adres vraagt zodat ik het hele zaakje kan overschrijven. Ook de computermevrouw waar ik mijn verzoek op verschillende manieren intik (IK WIL MIJN ABONNEMENT OPZEGGEN STOM BLOND MOKKEL!!!!) blijft tot mijn grote woede stoicijns melden dat ze mijn vraag niet begrijpt.

Met een snel toenemende razernij probeer ik de ouderwetse methode. Dat is nog niet zo makkelijk want ik kan in eerste instantie geen telefoonnummer vinden. Ik begin langzaamaan te geloven dat er stiekem niemand werkt bij Ziggo maar dat het bedrijf gerund wordt door 1 nerd voorzien van een server en wat digitale snufjes. Als ik eindelijk een telefoonnummer heb gevonden brengt het keuzemenu mij niet bij een aardige, begripvolle en efficient handelende helpdeskmedewerker van vlees en bloed maar bij een dementerende Richard Clayderman die iedere vijf minuten hetzelfde deuntje inzet.

Mijn woede maakt plaats voor moedeloosheid. Ik besluit mijn principes overboord te gooien en te liegen. Er is namelijk 1 mogelijkheid om mij eeuwig te bevrijden van de Ziggo-ketenen: ik meld dat ik ben overleden.

En zo kwam het dat mijn zusje, die zo nu en dan langkomt in ons huis in Nederland een brief op de deurmat vond met de aanhef 'aan de erven van' .

Geachte heer/mevrouw,

U heeft gevraagd alle abonnementen van Ziggo stop te zetten in verband met het overlijden van uw dierbare. Wij willen onze deelneming betuigen en u heel veel sterkte toewensen etc.etc.

Ik juich van geluk als ik het verontruste berichtje van mijn zus ontvang. Wie niet groot en sterk is moet slim zijn!

Als ik een paar weken later mijn Nederlandse voordeur open vind ik een nieuwe brief van Ziggo, ditmaal gericht aan 'De nieuwe bewoners van ..'

Misschien weet u het nog niet maar in uw woning beschikt u over een werkende televisie en radioaansluiting van Ziggo. Helaas is bij ons geen abonnement op dit adres bekend. Om onbezorgd van Ziggo te blijven genieten, vragen wij u vriendelijk het liefst nog vandaag contact op te nemen via 0900-****.[] als wij niets van u horen wordt de aansluiting van Ziggo na 2 weken afgesloten.

Vervolgens worden er nog 2 alinea's verspild met een reclameriedel over de beste kwaliteitsbeleving (eh?)  60 digitale zenders, HDTV etc. Ze eindigen met nogmaals het dringende verzoek om vandaag nog contact op te nemen.

Inmiddels zijn we anderhalf jaar verder en onderweg naar Nederland als de mannelijke helft van ons gezin zich met een schok realiseert dat we geen TV en dus ook geen WK voetbal kunnen kijken. Ik zet al een stil vreugdedansje in als mijn iets te handige wederhelft ontdekt dat de TV het gewoon nog doet. Sterker nog, we hebben allerlei afschuwelijke commerciele zenders met programma's als 'My big fat gypsy wedding, Teenage Moms', een naakt(!) dating programma en allerlei misselijkmakende nagesynchroniseerde rotzooi.

Mijn geënsceneerde dood heeft niets opgelost, voor eeuwig zal ik boeten in de hel die Ziggo heet.


Ohrid


Bij deze mijn nederige excuses aan de heren die ik in mijn vorige blog onheus heb bejegend. Ik ben geen fan van wapendragende Balkan bullebakken maar er is een groep mensen die ik nog liever uit deze regio zie verdwijnen dan hen. Het zijn helaas mijn bloedeigen landgenoten; Nederlanders op vakantie.

Gekleed in te kleine/te korte broeken en rokjes, lawaaihemden of aanstootgevende t-shirts, teva sandalen en gelijke windjacks maken ze per stuk evenveel geluid als een volledige tourbus met Aziaten.

Eén van de zegeningen van de Balkan is dat ze hier zeer zeldzaam zijn: het is te lang rijden en het merendeel denkt vermoedelijk dat het hier nog steeds oorlog is. Helaas geldt dit niet voor één van de mooiste plekjes op de Balkan, het meer van Ohrid. Dit grootste zoetwatermeer van Europa wordt aangedaan door zowel Arkefly als Corendon en dat is te merken. Oranje vlaggetjes, bordjes met de aanprijzing 'Hollandse koffie'(net zo onwaarschijnlijk lekker als de veganistische biefstuk ) en zelfs een legioen aan obers dat in oranje shirts gekleed gaat (net als de rest van de Hollanders hier overigens). Vluchtend voor de horde vinden we een klein restaurantje. We worden naar boven geloodst waar tot onze vreugde maar 1 ander tafeltje bezet is; door zes vaderlandse pensionado's, ontdekken we als we net hebben plaatsgenomen. 

Luidruchtig en tergend langzaam nemen ze de hele menukaart door. De eigenaar kijkt bij ieder gerecht wat droeviger. Als alles uitgebreid is besproken besluiten twee dames via 'iene miene mutte' een keus te maken tussen de traditionele Macedonische sarma die van harte wordt aanbevolen door de eigenaar en de wiener schnitzel. Gierend van de lach valt de keuze op de gepaneerde Oostenrijker, "want dan weet je tenminste wat je krijgt".  Er wordt nog meer besteld. 

"Do you have red wijn in the glass, not the bottle hè, just the glass, anders ben ik weer een fortuin kwijt (een fles wijn kost ongeveer 10 Euro). "Enne kenne we ook water krijgen, aqua bedoel ik?

De eigenaar druipt zichtbaar aangeslagen af. Omdat het gesprek natuurlijk niet stil kan vallen besluit de roodverbrande, polodragende leesbril de iconen aan de muur te bespreken. Die zijn volgens hem wel honderd jaar oud en heel veel waard. Ik herken ze van de kerken hier in de buurt waar ze voor een habbekrats te koop zijn en verberg mijn gezicht in een servet om een opkomende lachstuip te verhullen als hoestaanval.

Dat lukt niet helemaal want het gezelschap kijkt verstoord onze kant uit. De in neon-hempjes getooide dames nemen het gesprek over.

"Tis hier zooo gezellig, niet te druk en wat fijn dat ze hier overal schermen hebben zodat we voetbal kunnen kijken hè".

"Wat alleen tegenvalt zijn de kleren, die zijn even duur als in Nederland en best wel ordinair maar  verder is het prima hoor"

Ja, je merkt gewoon dat ze niet zo gewend zijn aan buitenlanders. Je ken niet echt shoppen en ze praten geen Engels.

"Ja, de mensen, ze zijn best wel aardig hoor, maar niet zo professioneel in de bediening enzo en een beetje nors"

Op het gevaar af dat ik het toch al geringe aantal lezers van me vervreem: Lieve Arke en Corendon wilt u asje-asje-asjeblieft de ticketprijs verdubbelen zodat de halfnaakte, grofgebekte hordes gewoon voor Torremolinos en Chersonissos kiezen. Ohrid kan dan gereserveerd worden voor iets beschaafder volk. Op de korte termijn zullen ze hier wat minder verdienen maar op de lange termijn lijkt mij het geestelijke welzijn van de lokale bevolking veel belangrijker.  

Dankuwel! 

maandag 23 juni 2014

Kosovo


Op vakantie naar Kosovo. Ja dat kan. Als je aangenaam verrast bent na een bezoek aan Slovenië, Montenegro en Bosnië dan klinkt Kosovo niet eens meer zo gek. 

Even terug: Kosovo was een autonome provincie van de deelrepubliek Servië in het toenmalige Joegoslavië. Met het uiteenvallen daarvan waren er twee etnische/religieuze groepen die een claim deden op deze regio: de Albanese meerderheid en de Serven die vooral in het noorden van Kosovo wonen. De laatsten waren er, onder aanvoering van Milosevic en de Orthodoxe kerk, op gebrand om het bij Servië te houden. Niet om economische redenen want de regio produceert niets van waarde maar om etnisch/religieuze/historische motieven. In 1389 (geen typefout, u leest het goed) gingen de Serven namelijk roemloos ten onder in een veldslag tegen de Ottomanen (Turken) en sommigen van hen zijn daar nog steeds niet overheen: het 'bloed' dat vergoten is door hun bet-bet-bet-betovergrootvaders moet worden gewroken. Zeshonderd jaar later, in 1999 greep de VN in om verder bloedvergieten te voorkomen (Bosnië lag nog vers in het geheugen). Sindsdien zitten er internationale troepen (Kfor en Eulex) die de strijdende partijen uit elkaar houden en proberen iets van een gezonde politie en legermacht te genereren. In 2008 riep de Albanese meerderheid de onafhankelijkheid uit die door het merendeel van de VN lidstaten wordt erkend maar niet door Servië en beschermheer Rusland.

Gezien deze perikelen vergt de reis wat voorbereiding. Wederhelft vraagt de laatste veiligheidsinformatie op en we moeten de route zo uitstippelen dat we alleen via het Servische gedeelte van Kosovo het land in en uit kunnen. Doen we dat niet dan lopen we het risico dat ons paspoort een dikke Kosovaarse stempel krijgt en we Servië niet meer in komen. In Servische ogen zijn we dan namelijk al in het land en dus illegaal want we heben geen Servische inreisstempel. Ook instrueren we de kinderen: je kop houden bij de grensovergang, niet praten totdat iemand jou aanspreekt en je weet of je Engels of Servisch moet antwoorden en niet langer dan drie seconden naar iets of iemand staren.

De grensovergang valt allerzins mee: er zijn geen roadblocks, protesterende menigtes en ook de Eulex mannen die de grenspolitie bijstaan, zijn nagenoeg onzichtbaar. Het Servische gedeelte van Kosovo oogt grimmig: overal hangen Servische vlaggen en alle lantaarnpalen, huizen, bushokjes etc. zijn versierd met het jaartal 1389 of de spreuk 'Kosovo je Srbije' (Kosovo is Servisch). Enkele weggedeeltes zijn half gebarricadeerd waardoor je moet afremmen: op 1 van deze plekken is een paar maanden geleden een Eulex militair doodgeschoten. Ook staat er een legertent achter een rol prikkeldraad waar normaliter een aantal crimineel uitziende heren de wacht houdt. Vandaag niet, het is zondag.

Twee keer worden we aangehouden door de talrijk aanwezige politie. Op het moment dat wij gestopt worden, haalt een oud zastavaatje zonder nummerbord ons in. Merkwaardig: wij zijn de enigen met een fatsoenlijk uitziende auto, een legaal kenteken en we houden ons aan de snelheidslimiet. De overige weggebruikers hebben een illegaal nummerbord (van de Servische provincie Kosovo) of helemaal geen kenteken en rijden als idioten in auto's die in Nederland de status 'wrak van de weg' niet eens meer halen. Gelukkig worden we enigzins beschermd tegen bijklussende polititie agenten door onze diplomatieke status en het feit dat we een paar woorden Servisch spreken.

Na een uurtje bereiken we ons doel: Kosovska Mitrovica. Deze stad heeft een Albanese en een Servische wijk die strikt gescheiden worden door de 'vrijheidsbrug'. Een meer cynische naam kan ik me niet voorstellen voor een brug die zwaar bewaakt wordt en volledig is gebarricadeerd (met plantenbakken, dat dan weer wel). Gelukkig is er een brug een paar kilometer verderop met minder symbolische waarde waar je wel gewoon overheen kunt. Het verschil in de Albanese wijk is treffend: een gloednieuwe moskee, moderne flatgebouwen (kadootje van de EU dus betaald uit uw belastinggeld) en net iets teveel dikke audi's en BMW's met twintigjarige knaapjes achter het stuur. Eén van de bolides scheurt voor ons uit, over de linkerweghelft en aanpalend trottoir, daarbij net een moeder en kind ontwijkend. Nog vloekend van ergernis zie ik twee minuten later een gespierd kaalhoofd, de armen vol getatoeeerd en een wapen achteloos in zijn broekband met peuterzoontje aan de hand. Ineens besef ik dat het grootste probleem hier niet de religie of etniciteit is maar het verschrikkelijke macho-gedrag. Het maakt geen flikker uit of ze moslim of orthodox christelijk zijn, of ze politie-agent zijn, crimineel, voetbalsupporter of werkloos. Het is de misplaatste oneindige trots, de hang naar het verleden, de vanzelfsprekendheid waarmee vrouwen en andersdenkenden worden afgeserveerd en zonodig mishandeld. Bah! Wat heb ik mijn buik vol van deze ellendige
macho-etters die de hele regio in hun greep houden en naar de afgrond helpen.

De volgende ochtend, als we van een ontbijt genieten op een door Nederlanders gerunde camping in Albanië, ontvangt wederhelft een berichtje dat er vlak na ons vertrek dertien gewonden zijn gevallen bij protesten tegen de plantenbakken op de vrijheidsbrug.

Eikels!


zondag 8 juni 2014

Trein


Er is geen fantastisch uitzicht, geen zachte loungemuziek en zelfs niet de lekkerste cappuccino. Toch zit ik op het fijnste terras van Belgrado. Ik hoor de vogeltjes fluiten op nog geen 100 meter van 1 van de drukste verkeersknooppunten van de stad. Mijn uitzicht bestaat uit een halfvol terras, een treinperron en wachtende reizigers. Tijdens mijn studententijd werkte ik op Schiphol en ook daar kon ik uren bij de aankomsthal zitten kijken. Er gaat niets boven het observeren van komende en gaande reizigers. De sfeer is hier wel wat relaxter. Omringd door koffers tik ik dit stukje. Ik zit naast de ingang en verschillende reizigers hebben hun bagage hier achtergelaten terwijl ze verderop op het terras zitten of binnen een plas plegen. Kennelijk zie ik er zeer betrouwbaar uit. Het afgelopen uur heb ik geen trein gezien en ik vraag me af wat de acht lokketisten iets verderop doen behalve hun nagels lakken.

Er loopt een treinspoor van Belgrado naar Bar in Montenegro dat een prachtige route volgt. Een deel hebben wij per auto gedaan maar de route van het spoor, langs stijle afgronden en rivieren, dwars door Montenegro is nog veel spectaculairder. 8 uur duurt de rit en dan sta je aan de Adriatische zee. Niet zo'n gek idee dus om dat een keer te doen.

Terwijl ik aan het plannen ging, wees mijn wederhelft me op een stukje in de krant. De trein naar Bar had een gemiddelde snelheid van ongeveer 40 km per uur en regelmatig vertraging door kapot materieel. Het toppunt was een rit niet heel lang geleden, die niet 8 maar 32 uur duurde, waarvan er 7 in een tunnel moest worden doorgebracht wegens kabelbreuk.

Nu begrijp ik waarom er op station Loppersum meer treinen rijden dan in een stad van 1,6 miljoen inwoners.